Kenia & Tanzania 1997

 

Home
Up

Een avontuurlijke kampeersafari die de mooiste wildparken van Tanzania combineert met het ongerepte noorden van Kenia. Nergens anders in Afrika vind je een vergelijkbare afwisseling op het gebied van cultuur en natuur. Per safari-truck doorkruisen we drie volle weken halfwoestijnen en wildrijke savannes en volgen we de meren in de Grote Slenk, en daarbij kun je uiteraard veel wild zien in parken zoals Shaba, de Ngorongoro-krater en de immense Serengeti. Er zijn enkele schitterende wandelingen te maken en je ontmoet nog traditioneel levende stammen als de Masai, Samburu, Pokot, Hadzabe en Turkana. Onze route naar de oostkant van het Turkana-meer is niet alleen landschappelijk mooier dan die naar de drukker bezochte westkant, maar voert ook door het hart van het stamgebied van deze volken.

Dag 1 Vertrek, aankomst Nairobi
Je vliegt rechtstreeks naar Nairobi. De reisbegeleiding wacht je op het vliegveld op en brengt je naar een eenvoudig maar comfortabel hotel.

Dag 2 Nairobi – Mount Kenya
Nadat de bagage en de proviand in de truck geladen is, vertrekken we richting de vroegere ‘White Highlands’. De weg voert over de hoogvlakte langs onder andere ananas-en koffieplantages en Kikuyudorpjes. Vervolgens bereiken we de voet van Mount Kenya en zetten de tenten op aan de rand van het bos.

Dag 3 Mount Kenya, vrije dag
‘s Morgens kun je vroeg opstaan om een prachtige wandeling te maken door dicht nevelwoud met baardmossen. In dit gebied komen honderden soorten vogels voor, maar ook veel andere dieren zoals klipdassen, bavianen en de mooie Colobusapen. Bij helder weer is de top van Mount Kenya hier goed te zien. De wandeling brengt ons uiteindelijk bij een idyllische waterval. ‘s Middags kun je paardrijden. ‘s Avonds is er de mogelijkheid om Kikuyudansen bij te wonen.

Dag 4 Mount Kenya – Shaba National Reserve
Vandaag staan we vroeg op. Kort na het vertrek passeren we de evenaar, waar we een korte stop maken. Vervolgens vormt een lange afdaling met prachtige vergezichten het begin van ons verblijf in het uitgestrekte noorden van Kenia, waar een warmer klimaat heerst. Voorbij Isiolo verlaten we het asfalt en volgen de Trans African Highway naar onze bestemming: het Shaba National Reserve (N.R.). Midden in het park zetten we ons kamp op een prachtige plek aan de rivier onder de palmbomen. In de loop van de middag gaan we op zoek naar wild. Op het heetst van de dag zullen we bijna geen dieren zien omdat deze dan in de schaduw van bomen liggen uit te rusten, een goed voorbeeld dat we zelf ook zeker zullen volgen. We gaan op fotosafari, op zoek naar onder meer leeuwen en jachtluipaarden. Tijdens onze speurtocht kunnen we olifanten, impala’s en buffels zien, maar ook dieren die zich sterk aan de droogte hebben aangepast zoals de netgiraffe, grévyzebra, gerenoek (girafgazelle) en spiesbok. Eventueel kan je ook te voet het park bekijken: Shaba is één van de zeer weinige wildparken waar beperkte wandelmogelijkheden zijn. Onder leiding van gewapende rangers maken we een wandeling in het park en gaan naar een aan de rivier gelegen schuilplaats, een schitterende tocht. Na het ondergaan van de zon keren we terug bij onze kampeerplaats aan de rivier. ‘s Nachts worden we bewaakt door rangers en hoor je voor de eerste keer de geluiden van de Afrikaanse wildernis, zoals bijvoorbeeld de roep van hyena’s.

Dag 5 Shaba N.R. – Maralal
Bij het eerste ochtendgloren pakken we onze spullen in en vertrekken we naar het Buffalo Springs National Reserve, dat samen met het Samburu National Park een groot geheel vormt, voor een tweede gamedrive. Hierna reizen we door het gebied van de Samburu, een kleurrijke stam die nog grotendeels traditioneel leeft. Zij dragen net als de Masai in het zuiden van Kenia rode doeken en de vrouwen dragen kilo’s zware kralenkettingen om hun hals. De vrouwen en de krijgers zien er prachtig uit met al hun sieraden en gekleurde doeken. Hier zijn ook hun traditionele sieraden en gebruiksvoorwerpen te koop. Vervolgens rijden we door weg naar Maralal. Onderweg wordt het landschap merkbaar droger en zien we met wat geluk de woestijnroos bloeien, een aparte plant met tere, roze bloemen aan kale stengels. Onze vierwiel aangedreven safaritruck bewijst hier goede diensten. Aan het einde van de lange, maar prachtige tocht komen we aan bij Maralal, waar we onze tenten opslaan.

Dag 6 Maralal – Loyangalani (Turkanameer)
Een lange maar indrukwekkende reisdag brengt ons vandaag naar het Turkanameer. De hete, droge lavawoestijn van het noorden van Kenia is één van de dunst bevolkte streken van Afrika, maar landschappelijk gezien een van de meest indrukwekkende delen van het hele continent, met name aan de oostkant van het Turkanameer. Langzaam maar zeker verdwijnt de begroeiing. Bomen maken plaats voor struiken en vervolgens voor grasland. Uiteindelijk gaat het landschap over in een woeste, onvruchtbare vlakte. Her en der reizen uit de vlakte schitterend gevormde tafelbergen en bergruggen op, soms paars of roze gekleurd. Het lijkt of in dit gebied niemand kan leven, maar als we ergens stoppen duurt het niet lang voordat we bezoek krijgen van Samburu of Turkana die hier wonen. Vaak zijn ze erg nieuwsgierig naar onze manier van reizen of willen ze wat drinkwater hebben. Met een beetje geluk zien we zelfs Rendille, veehoudende nomaden die hun hele hebben en houwen op kamelen vervoeren. Plotseling kijken we uit op het grootse Turkanameer. Dit meer is omringd door grillig gevormde lavaheuvels en is onder meer beroemd geworden door het geraamte van de oudste mens dat hier gevonden werd. Het is een schitterend meer met een glinsterend blauwgroen wateroppervlak, dat midden in de semiwoestijn bijna iets onechts heeft. Drie rivieren monden in het meer uit, maar de verdamping is zo groot dat het waterpeil jaarlijks aanzienlijk zakt. De baars die in het water rondzwemt is reusachtig: tot 375 pond. We zetten onze tenten op in een oase met palmbomen.

Dag 7 Loyangalani, vrije dag
Loyangalani is een groene oase in het verder desolate landschap. Je kunt met een gids het dorp intrekken en contact leggen met de verschillende stammen, waarvan de Turkana de belangrijkste zijn. De Turkana dragen bruinige kleding en zijn veel minder uitbundig op het gebied van sieraden dan de Samburu, maar torsen toch nog een aardig gewicht aan sieraden met zich mee. Deze van oudsher nomadische stammen leefden vroeger voornamelijk van de veeteelt, maar veel van hun zijn door de droogte van de 80’er jaren overgegaan op een bestaan als visser. Ook een boottocht over het meer, waarbij je ondermeer verschillende soorten aalscholvers kunt zien, behoort tot de mogelijkheden. Aan het eind van de dag is het goed toeven aan de oevers van het meer. Vissers zijn vaak bezig hun netten binnen te halen en er is een prachtige zonsondergang. Heldere nachten en volle maan zijn hier een bijzondere belevenis, het meer krijgt een zilverachtige glinstering en honderden kikkers geven een concert onder de prachtige sterrenhemel. In het maanlicht van de zwoele nacht wordt soms bij de dorpjes spontaan gedanst en gezongen. Op de schaduwrijke camping kun je genieten van een bijzondere douche en een zwembad.

Dag 8 Loyangalani – South Horr, vrije middag
We verlaten al vroeg het Turkanameer en rijden door het indrukwekkende landschap naar South Horr. Het stadje wordt voornamelijk bewoond door Samburu en ligt aan de voet van een berg. Hierdoor heeft het altijd water en vormt een groene oase in het verder dorre landschap. We kamperen hier in een boswachterij tussen de bomen en hebben ‘s middags de gelegenheid om met een gids door het prachtige bos te wandelen, waarbij we verbazingwekkend veel vogels en kleine diersoorten kunnen zien. Een andere mogelijkheid is om de lokale missiepost te bezoeken of om naar een van de Samburu-dorpjes te wandelen die in de omgeving liggen.

Dag 9 South Horr – Maralal, fac. kamelentocht
We verlaten de Rift Valley en hebben onderweg prachtige uitzichten op indrukwekkende bergruggen en diepe valleien. We rijden over het indrukwekkende Lerochi-plateau waar veel Samburu wonen. Ze laten hun vee grazen op de uitgestrekte vlakte, waar ook grote aantallen zebra’s en thomsongazellen voorkomen. In de loop van de middag stijgen we omhoog naar de bergen die de afscheiding vormen tussen het droge noorden en het gebied rondom Maralal. De overgang naar een veel groener landschap is abrupt. Kort daarop dalen we af naar de districtshoofdstad Maralal, waar de krijgers met hun rungu’s (knotsen) rondlopen. Hun speren mogen ze niet meenemen het dorp in; onderweg van en naar het dorp zie je ze er wel mee lopen. We slaan onze tenten op een goede campsite buiten het stadje op. De liefhebbers kunnen aan het eind van de middag met Samburu op kamelen de bush intrekken, een prachtige tocht die door het groene landschap en door de bossen voert. Met wat geluk zie je onderweg zebra’s en antilopen. Tegen het vallen van de duisternis kom je aan in het kamp, waar eten wordt klaargemaakt op een houten vuurtje. In de wijde omgeving is geen elektrisch licht, waardoor je vanuit je slaapzak een schitterende sterrenhemel boven je kunt zien. Een bijzondere ervaring!

Dag 10 Maralal, vrije dag, fac. kamelentocht en excursies
De deelnemers aan de kamelentocht keren in de loop van de ochtend weer terug op onze campsite. De dag is verder vrij te besteden, maar er worden door de reisbegeleider meerdere mogelijkheden voor excursies aangeboden. Maralal is een levendige marktplaats, waar de vrouwen sieraden, tabak, houtskool en groenten verkopen en de prachtig getooide krijgers vee aan de man brengen of gewoon maar ‘mooi lopen te zijn’. We kunnen hier een bezoek brengen aan een van de traditionele dorpen (manyatta) en een speermakerij. Daarnaast behoort het bijwonen van een typische Samburudans tot de mogelijkheden. Je gaat hiervoor naar een kleine manyatta buiten Maralal, zodat er niet veel andere reizigers bij zijn. De krijgers springen vanuit stand zo hoog mogelijk om indruk te maken op de aanwezige meisjes, die zich op hun mooist uitgedost hebben om op hun beurt de jonge krijgers te beïndrukken. Ook de natuurliefhebbers hoeven zich niet te vervelen, want her en der in de omgeving loopt wild, zoals de elandantilope, zebra, impala, reuzetrap en secretarisvogel. Je kunt zelfstandig of met een gids prachtige wandelingen maken. Heel bijzonder is het bezoek aan het Sherp-project, dat opgestart is door een Samburu-vrouw, Grace Seneiya. Zij richt zich op de opvang en integratie van gehandicapte kinderen in het Samburu-district. Sherp staat voor Samburu Handicapped Education and Rehabilitation Project.

Dag 11 Maralal – Baringomeer
We verlaten het Lerochiplateau en dalen af de Rift Valley in. Onderweg ontmoeten we vaak de Pokot, een nomadenvolk dat met geiten rondtrekt en opvalt vanwege de grote hoeveelheid bijzondere sieraden die de vrouwen om hun nek dragen. In de loop van de middag komen we aan bij het Baringomeer, een van de vele meren op de bodem van de Slenk. Het Baringomeer is een paradijs voor vogelliefhebbers en een uitstekende plek om het rustig aan te doen. Dit is tevens het stamgebied van de fameuze Keniaanse marathonlopers.

Dag 12 Baringomeer, vrije dag (fac. excursie Bogoriameer)
Vandaag is naar eigen inzicht te besteden. Je kunt in de vroege ochtend een wandeling maken onder leiding van een vogelkenner. Ook is een boottocht op het meer mogelijk waarbij je nijlpaarden, krokodillen en visarenden kunt zien. Afhankelijk van het seizoen is het aantrekkelijk om een excursie naar het spectaculair gelegen Lake Bogoria te maken. Hier vormt de steile wand van de Grote Slenk het decor voor flamingo’s, geisers en warme bronnen. Je kunt natuurlijk ook gewoon relaxen in en bij het zwembad van de naast de camping gelegen lodge.

Dag 13 Baringomeer – Nakuru, vrije middag
We volgen de keten van meren in de Grote Slenk in zuidwaartse richting. We slaan onze tenten op bij de stad Nakuru, gelegen aan het gelijknamige meer. Je kunt de stad bekijken; na de rust van de afgelopen dagen komt de drukte bijna onwerkelijk over, vooral op en rondom de gezellige markt. Je kunt een lekker kop ‘chai’, thee met veel melk, drinken in een van de bars of oude koloniale hotels. Liefhebbers kunnen een excursie maken naar het wereldberoemde Nakuru N.P., waar je de zoutvlaktes rondom het meer vaak roze gekleurd worden door de tienduizenden flamingo’s die hier voedsel komen zoeken. Iets verder van het meer af vind je waterbokken, buffels, giraffen, klipdassen en witte neushoorns.

Dag 14 Nakuru – Kisii
‘s Middags komen we in het westen van Kenia, een vruchtbaar, landschappelijk aantrekkelijk landbouwgebied met een heel ander karakter dan de rest van het land. In deze heuvelachtige, dichtbevolkte streek wordt naast thee en koffie ook veel suikerriet verbouwd. Men verbouwt hier onder andere kwalitatief goede thee op de plantages, voornamelijk voor de export. In de loop van de middag komen we aan in Kisii, een gezellige stad waar we op de markt boodschappen doen voor de komende dagen. Je kijkt je ogen uit naar alle groenten en fruitsoorten die je hier aan worden geboden.

Dag 15 Kisii – Victoriameer, vrije middag
Vanaf Kisii rijden we door suikerrietplantages richting Tanzaniaanse grens, die we in de loop van de ochtend passeren. We rijden vervolgens door een weids landschap met “kopjes”, bijzondere granieten rotsformaties, en passeren de rivier de Mara. We kamperen bij een lodge aan de rand van het Victoriameer, waar ‘s avonds vaak een mooie zonsondergang te zien is. Het Victoriameer is het op één na grootste zoetwatermeer ter wereld, bijna 2 maal zo groot als Nederland. Hier is een enorme diversiteit aan vogels te bewonderen. In het meer komen verschillende soorten vis voor die je in het restaurant bij de camping kunt uitproberen. ‘s Middags is het mogelijk om naar een vissersdorpje te varen met originele vissersboten of heerlijk uit te rusten bij het water

Dag 16 Victoriameer – Serengeti National Park
Vandaag gaan we op pad naar een van ‘s werelds grootste natuurgebieden, in oppervlakte bijna de helft van Nederland. Tenzij de wegen het niet toelaten, rijden we door de weinig bezochte Western Corridor het indrukwekkende Serengetipark binnen. Tijdens de Grote Trek van de gnoes trekt de helft van deze dieren door dit prachtige westelijke gedeelte, terwijl het andere deel naar de Masai Mara in Kenia trekt. In de Serengeti tref je de grootste concentratie wild ter wereld! Na een lange, afwisselende reisdag slaan we midden in het park voor twee dagen ons kamp op en kun je onder een prachtige sterrenhemel genieten van de nachtelijke geluiden van de wildernis.

Dag 17 Serengeti National Park
In het Serengetigebied bevinden zich diverse ecosystemen en vegetaties. Geweldige vlakten met ‘Serengetigrassen’ en ‘kopjes’ worden afgewisseld door kleine stroompjes en poelen die omzoomd worden door acacia’s. We volgen het ritme van de bush en gaan ‘s morgens vroeg en in de namiddag, als het niet te heet is, op zoek naar de dieren. Op de vlakten leven duizenden zebra’s, gnoes, impala’s, thomsongazellen en giraffen. Met zoveel prooidieren zijn er ook veel leeuwen, cheeta’s, luipaarden en andere roofdieren, die je met een beetje geluk zult kunnen fotograferen tijdens de ‘gamedrives’

Dag 18 Serengeti National Park – Ngorongorokrater
Na het ontbijt en het opbreken van het kamp maken we nog een gamedrive over de uitgestrekte vlakten van de Serengeti in de richting van de reusachtige Ngorongorokrater. Een steile klim brengt ons tot aan de rand van deze ingeklapte vulkaan. Vanaf onze kampeerplaats heb je een prachtig uitzicht over de krater. Door de hoogte kunnen we een koude nacht tegemoet zien.

Dag 19 Ngorongorokrater – Lake Eyasi
Vroeg in de ochtend gaan we met landrovers deze vulkaankrater in voor een gamedrive. Op de 600 m lager gelegen kraterbodem zijn leeuwen, olifanten, antilopen en andere dieren vaak tot zeer dichtbij te naderen. Ook is dit een van de weinige plekken waar de zwarte neushoorn nog gezien kan worden, terwijl in het meer in de krater vaak flamingo’s te vinden zijn. De krater bevat het hele jaar door zoetwaterbronnen, waardoor dit prachtige natuurgebied de grootste concentratie wild per m² ter wereld heeft. ‘s Middags verlaten we de kraterrand en maakt de open vegetatie plaats voor hellingen met tropisch regenwoud. Een flinke afdaling met prachtige vergezichten brengt ons in een vruchtbaar gebied waar zich ten tijde van de kolonisatie blanke grootgrondbezitters hebben gevestigd. We dalen voor de laatste keer af in de Grote Slenk, waar je de typische en reusachtige baobabbomen (apebroodbomen) kunt zien. Via een onverharde weg komen we terecht bij het Eyasi meer, waar we op een mooie plek onze tenten opslaan.

Dag 20 Lake Eyasi, vrije ochtend – Arusha
Vanochtend kun je een wandeling onder begeleiding van een gids maken door de mooie omgeving van Lake Eyashi. Dit is het woongebied van de Hadzabe, een stam die hier al bijna 10.000 jaar leeft. De Hadzabe zijn een van de weinig overgebleven jager-verzamelaar stammen van het Afrikaanse continent en gebruiken onderling een stokoude taal, die grotendeels uit klikgeluiden bestaat en voor buitenstaanders niet te volgen is. Net zoals de andere jager-verzamelaar stammen zoals de Khoisan (Bosjesmannen) en pygmeeën zijn zij grotendeels verdwenen met de komst van landbouwende stammen of veehoudende stammen als de Masai. Er leven in dit gebied nog enkele honderden van hen en we zullen zeker naar ze op zoek gaan, al is dat niet altijd succesvol omdat ze geen vaste verblijfplaats hebben. Aan het begin van de middag vertrekken we naar Arusha, waar we aan het einde van de middag aankomen. Je kunt nog het aardige stadje bezoeken dat een aantal historische gebouwen en leuke winkels heeft, waar je onder andere wat souvenirs kunt kopen. Daarnaast is de levendige markt een bezoek waard. Vervolgens gaan we naar een gezellige camping net buiten het stadje, waar de kok voor de laatste keer het avondmaal voor ons zal bereiden.

Dag 21 Arusha – Nairobi
Van Arusha rijden we noordwaarts naar de grens met Kenia. Vlak voor de grens stoppen we bij een Masai dorpje, dat zodanig is opgezet dat de inkomsten uit toerisme grotendeels besteed worden aan het verbeteren van de leefomstandigheden van het dorp. De Masai leven in het grensgebied van Kenia en Tanzania. Het zijn opgewekte, geharde mensen die leven van de veeteelt. Hun kuddes bestaan voornamelijk uit geiten en zeboes (bultrunderen). De Masai vinden dat God hen uitverkoren heeft om al het vee ter wereld te hoeden. De krijgers zijn vaak uitgerust met een speer, een van een boomwortel gemaakte werpstok en een ‘simi’, een kapmes. Elke ‘manyatta’ (Masaidorp) heeft een ouderling, die alom wordt gerespecteerd. Om hun dapperheid te bewijzen moeten de mannen tijdens hun ‘dienstjaren’ een leeuw doden. De vrouwen van de Masai tonen ons hun zelfgemaakte sieraden en kleding. De Masai gaan gekleed in de traditionele rode omslagdoeken en zijn behangen met kettingen, kralen en oorbellen. Zij spreken hun eigen taal, het Maa, maar ook Engels en Swahili, de voertaal in heel Oost-Afrika. Na dit bezoek steken we bij Namanga de grens over, Kenia in, en rijden door het savannelandschap naar Nairobi. De heksenketel van de grote stad zal je waarschijnlijk wel overvallen na zo’n langdurig verblijf in de Afrikaanse bush! Een bezoek aan de drukke markt of de wijk waar de houtsnijwerkers werken biedt een goede gelegenheid om je laatste souvenirs te kopen. We overnachten weer in hetzelfde hotel als de eerste nacht. ‘s Avonds kunnen we de reis op een feestelijke manier afsluiten in een van de vele goede restaurants die de stad rijk is.

Dag 22 Vertrek, aankomst in Nederland.
’s Morgens vertrekken we naar het vliegveld voor de terugvlucht. Aan het einde van de dag komen we weer in Nederland aan.

Back Up Next

Send mail to webmaster@kiekes.com with questions or comments about this web site.
Copyright © 2002 Kiekes
Last modified: 06-07-03